Vaccinatie

Bij katten komen een aantal besmettelijke ziektes voor, die soms dodelijk aflopen of chronische gezondheidsproblemen veroorzaken. In ons land zijn dat vooral katten- en niesziekte. Wij adviseren om uw kat tegen deze ziektes te laten vaccineren, zodat de kans op besmetting afneemt.

Voorafgaand aan de vaccinatie vindt er een gezondheidscontrole plaats waarvan de bevindingen vermeld worden in het dierenpaspoort van uw kat.

Tijdens deze jaarlijkse check-up:

  • Vaccinatie katKijken we uw kat van top tot teen na en letten we op de volgende punten:
    • Gebit
    • Oren
    • Ogen
    • Huid
    • Controleren we de buik
    • Beluisteren we het hart en de longen
    • Controleren we de lymfeknopen
  • Controleren we het gewicht en geven zo nodig voedingsadvies
  • Knippen we de nagels als het nodig is
  • Bespreken we zo nodig enkele aandachtspunten
    • Slechte adem
    • Veel drinken/plassen
    • Hoesten/kortademig
    • Pijn bij opstaan/kreupel
    • Ontwormen/ontvlooien

Tevens kunnen we in Barneveld bij de oudere kat (boven de 7 jaar) een seniorencheck uitvoeren.  Veel katten laten meestal veel te laat zien wanneer ze zich niet lekker voelen, maar door er juist vroeg bij te zijn kunnen we veel problemen in de toekomst beter behandelen of zelfs voorkomen. Wij raden de seniorencheck sterk aan, u kunt er hier meer over lezen.

Wanneer moet ik mijn kat laten vaccineren?

Kitten
Kitten vaccinatie
Op een leeftijd van 9 weken wordt het kitten voor het eerst gevaccineerd. Voorafgaand aan de enting wordt het kitten eerst van top tot teen nagekeken. Bij ieder kitten wordt een vaccinatieboekje afgegeven. Hierin staan alle gegevens en vaccinaties, inclusief de resultaten van het klinisch onderzoek door de dierenarts. Als het kitten 12 weken oud is, moet hij/zij voor de tweede keer gevaccineerd worden. De volgende enting is op één jarige leeftijd.

Volwassen kat
Ons advies is om volwassen katten op maat te vaccineren. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat de vaccinatie tegen kattenziekte maar één keer per 3 jaar hoeft te worden gegeven. De vaccinatie tegen niesziekte (herpesvirus en calicivirus) heeft maar een bescherming van één jaar en moet wel jaarlijks herhaald worden voor voldoende bescherming. Als uw kat naar het pension gaat, is de vaccinatie verplicht en mag deze niet langer dan 1 jaar geleden gegeven zijn.

U krijgt van ons jaarlijks een oproep wanneer het weer tijd is voor het uitgebreide lichamelijk onderzoek en de vaccinatie. Wat veel mensen vergeten is dat het juist belangrijk is om oudere dieren te vaccineren. Veel oudere katten hebben een verminderde weerstand, waardoor zij juist vatbaarder zijn voor ziektes. Daarnaast kunnen we met uitgebreid lichamelijk onderzoek er eerder achter komen of er medische problemen spelen, katten laten deze namelijk niet altijd zien. Meer informatie hierover kunt u lezen bij onze seniorencheck.

Vaccinatieschema voor de kat

vaccinatie-schema-kat-nieuw-nieuw

Waar tegen kan ik mijn kat laten vaccineren?

Kattenziekte
Kattenziekte is een infectie van het maag-darmkanaal en wordt veroorzaakt door het Feline parvovirus (FPV). Het virus kan worden overgebracht door speeksel, urine of niezen. Ook kan de eigenaar het virus gemakkelijk meenemen via kleding en schoeisel. De verschijnselen zijn: ernstige buikpijn, braken, diarree, koorts, bloedarmoede en ze drogen heel snel uit.  Kattenziekte heeft vrijwel altijd een dodelijk verloop.

Niesziekte
Niesziekte is een besmettelijke aandoening waar katten flink ziek van kunnen worden. 2016-06-03-01-34-00_dsc_4714Het wordt veroorzaakt door meerdere ziektekiemen. De belangrijkste zijn het Calicivirus (FCV) en het Herpes-virus (FHV). Daarbij kunnen Chlamydia (soort bacterie) en de bacterie Bordetella Bronchiseptica het ziektebeeld verergeren. De belangrijkste verspreiding van niesziekte is via aerosolen (besmette vochtdruppeltjes die een besmette kat verspreidt met niezen), direct contact met andere katten, door besmette manden, kooien of via handen en kleding van de mens. Vooral op plaatsen waar veel (vreemde) katten bij elkaar zitten in een kleine ruimte, zoals catteries, asielen of dierenpensions kan gemakkelijk niesziekte optreden. De verschijnselen zijn: niezen, ontstoken ogen, neusuitvloeiing, blaasjes op de tong, koorts, minder of niet eten en drinken. Complicaties zijn een bronchitis of een longontsteking. Vooral kittens en oudere dieren met een verminderde afweer zijn gevoelig voor deze infectie. Meestal zullen deze katten met een goede behandeling kunnen herstellen, maar vaak houden deze dieren een loopneus en ontstoken ogen. Verder blijven ze vaak drager, waardoor ze andere katten kunnen besmetten. Ook in perioden van stress kunnen de verschijnselen weer toenemen. Voorkomen is dus beter dan genezen!

Rabiës (hondsdolheid)
Hondsdolheid is een RNA virus van de familie van de Rhabdoviridae. Het virus wordt 2016-06-03-01-24-42_dsc_4699-editovergedragen door een krab of een beet van een besmet dier. Het virus verspreidt zich langzaam vanuit de wond via de zenuwen naar de hersenen. Na enkele dagen tot weken ontstaan gedragsveranderingen (agressiviteit), spierspasmen en 2 tot 4 dagen na het begin van de eerste symptomen treedt er verlamming van de achterpoten op. Uiteindelijk zal de kat hieraan overlijden. Gelukkig komt hondsdolheid bij katten in Nederland niet voor.  In het buitenland komt het nog wel voor en als u uw kat mee naar het buitenland wilt nemen is het verplicht om tegen hondsdolheid te vaccineren.

Waarom moet ik mijn kat laten vaccineren?

Omdat vaccinatie u de grootste zekerheid geeft dat uw kat niet ziek of veel minder ziek wordt door één van de genoemde ernstige ziekten. Bovendien komen deze ziekten, door het regelmatig vaccineren, minder vaak voor dan vroeger. Als we zouden stoppen met vaccineren, dan zou een aantal virussen binnen korte tijd weer op grote schaal voorkomen en net als vroeger een bedreiging vormen voor de gezondheid van onze huisdieren.